Vrijhandelsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lids Art. 12Territorialiteitsbeginsel
TITEL III TERRITORIALE VOORWAARDEN
1 Aan de in titel II genoemde voorwaarden voor het verkrijgen van de oorsprongsstatus moet zonder onderbreking in een partij zijn voldaan, behoudens het bepaalde in artikel 3 en lid 3 van dit artikel.
2 Wanneer uit een partij naar een niet-partij uitgevoerde producten van oorsprong terugkeren, worden zij, behoudens het bepaalde in artikel 3 , als niet van oorsprong aangemerkt tenzij ten genoegen van de douaneautoriteiten kan worden aangetoond dat: a. de terugkerende goederen dezelfde zijn als de eerder uitgevoerde goederen, en b. de goederen, terwijl zij in de niet-partij waren of toen zij werden uitgevoerd, geen andere be- of verwerkingen hebben ondergaan dan die welke nodig waren om ze in goede staat te bewaren.
3 In afwijking van de leden 1 en 2 van dit artikel komen de partijen overeen dat bepaalde goederen als van oorsprong worden aangemerkt, hoewel zij voor een be- of verwerking uit Korea zijn uitgevoerd en vervolgens weer zijn ingevoerd, mits de be- of verwerking plaatsvindt in de ingevolge bijlage IV door de partijen aangewezen gebieden.