Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale ges Art. 47
HOOFDSTUK II HET PERMANENTE HOF VAN ARBITRAGE
Het Bureau is bevoegd zijn kantoren en organisatie ter beschikking van de verdragsluitende mogendheden te stellen ten behoeve van de uitoefening van iedere bijzondere arbitragebevoegdheid.
De rechtsmacht van het Permanente Hof kan, onder de in het Reglement voorgeschreven voorwaarden, uitgebreid worden tot geschillen tussen niet-verdragsluitende mogendheden onderling of tussen verdragsluitende mogendheden en niet-verdragsluitende mogendheden, indien de partijen zijn overeengekomen zich tot dit Hof te wenden.