Handels- en scheepvaartverdrag tussen het Koninkrijk der Ned Art. 12
De Hooge Verdragsluitende Partijen komen overeen, dat voor al hetgeen betreft de consulaire vertegenwoordiging elk voorrecht, elke gunst of vrijdom, welke een van Haar ter zake reeds heeft verleend of in de toekomst mocht verleenen aan een derden staat, onmiddellijk tot de andere Hooge Verdragsluitende Partij zal worden uitgestrekt, onder voorwaarde van wederkeerigheid.