Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht Art. 17Rechterlijke onafhankelijkheid en onpartijdigheid
HOOFDSTUK III RECHTERS VAN HET GERECHT
1 Het Gerecht, zijn zittende rechters en de griffier genieten rechterlijke onafhankelijkheid. Bij de uitoefening van hun taken zijn zij aan geen enkele aanwijzing gebonden.
2 Juridisch geschoolde en technisch geschoolde rechters die voltijd rechter zijn bij het Gerecht mogen geen andere, al dan niet bezoldigde werkzaamheden verrichten, tenzij het Bestuurscomité een uitzondering heeft toegestaan.
3 Onverminderd het tweede lid sluit de uitoefening van het ambt van rechter de uitoefening van andere rechterlijke functies op nationaal niveau niet uit.
4 De uitoefening van het ambt van technisch geschoolde rechter in deeltijd sluit de uitoefening van andere functies niet uit, mits er geen belangenconflict bestaat.
5 In geval van een belangenconflict neemt de betrokken rechter niet deel aan de procedure. De regels inzake belangenconflicten zijn vervat in het statuut.