Verdrag betreffende de veiligheidsvoorschriften in het bouwb Art. 15
DEEL III Algemene bepalingen betreffende hefwerktuigen
1 Motoren, tandraderen, drijfwerken, electrische geleidingen en andere gevaarlijke delen van hefwerktuigen, moeten van doeltreffende beveiligingsmiddelen voorzien zijn.
2 De hefwerktuigen moeten van zodanige middelen voorzien zijn, dat het gevaar, dat een last onverhoeds valt, tot een minimum wordt teruggebracht.
3 Doelmatige voorzorgen moeten worden genomen om het gevaar van het onverhoeds zich verplaatsen van enig deel van de hangende last tot een minimum te beperken.