Verdrag tot invoering van een eenvormige wet op cheques Art. 21
HOOFDSTUK II Van de overdracht.
Indien iemand, op welke wijze dan ook, het bezit van de chèque heeft verloren, is de houder, in wiens handen de chèque zich bevindt, niet verplicht de chèque af te geven, tenzij hij deze te kwader trouw heeft verkregen, of hem grove schuld bij de verkrijging te wijten is en zulks onverschillig of het betreft eene chèque aan toonder, dan wel een voor endossement vatbare chèque, ten aanzien van welke de houder op de wijze in artikel 19 voorzien van zijn recht doet blijken.