Verdrag tot invoering van een eenvormige wet op wisselbrieve Art. 38
HOOFDSTUK VI Van de betaling.
De houder van eenen wisselbrief, betaalbaar op een bepaalden dag of een zekeren tijd na dagteekening of na zicht, moet dezen ter betaling aanbieden, hetzij den dag, waarop hij betaalbaar is, hetzij eenen der twee daaropvolgende werkdagen.
De aanbieding van eenen wisselbrief aan eene verrekeningskamer geldt als aanbieding ter betaling.