Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, Art. 21Intellectuele eigendom
TITEL IV SAMENWERKING INZAKE ECONOMISCHE EN HANDELSAANGELEGENHEDEN
1 De partijen herbevestigen het belang van hun rechten en plichten in verband met de intellectuele-eigendomsrechten, met inbegrip van auteursrechten en aanverwante rechten, handelsmerken, geografische aanduidingen, industriële ontwerpen, kwekersrecht en octrooien, en de naleving ervan, overeenkomstig de hoogste internationale normen die elke partij in acht neemt.
2 De partijen komen overeen informatie en ervaringen uit te wisselen over intellectuele-eigendomsrechten in verband met het beheer, de bescherming en de naleving van deze rechten via passende vormen van samenwerking.