Regeling Jeugdwet · Regeling Jeugdwet
Regeling Jeugdwet Art. 5.2
§ 5 Basisbedragen en toeslagen pleegvergoeding
1 Het basisbedrag, bedoeld in artikel 5.1 , wordt vermeerderd met een toeslag ter hoogte van het bedrag, genoemd in onderdeel b van bijlage 1 bij deze regeling: a. zolang sprake is van een crisisplaatsing waarbij het pleegkind met spoed is geplaatst bij de pleegouder, gedurende de eerste vier weken van het verblijf van het pleegkind; b. zolang bij een pleegouder drie of meer pleegkinderen verblijven, voor het derde en volgende pleegkind.
2 Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, wordt het basisbedrag, bedoeld in artikel 5.1 , vermeerderd met een door de pleegzorgaanbieder vast te stellen toeslag van ten hoogste het bedrag, genoemd in onderdeel c van bijlage 1 bij deze regeling, voor de door de pleegouder ten behoeve van een pleegkind met een verstandelijke, zintuiglijke of lichamelijke beperking gemaakte kosten, voor zover: a. deze kosten naar het oordeel van de pleegzorgaanbieder redelijkerwijs noodzakelijk zijn in verband met de beperkingen; b. deze kosten niet kunnen worden voldaan uit het basisbedrag, en c. daarvoor geen uitkering op grond van een andere regeling kan worden verstrekt.
3 De toeslag die noodzakelijk is voor het dekken van de kosten, bedoeld in het tweede lid, wordt verstrekt gedurende een door de pleegzorgaanbieder te bepalen periode.