Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Neder Art. 9
IV ALGEMENE BEPALINGEN
1 Wegvoertuigen voor het vervoer geregistreerd op de grondgebieden van de Overeenkomstsluitende Partijen waarmee internationaal vervoer wordt verricht, dienen voorzien te zijn van de registratie- en herkenningstekens van hun Staat.
2 Aanhangwagens en opleggers mogen voorzien zijn van de registratie- en herkenningstekens van andere Staten op voorwaarde dat het bedrijfsvoertuig, de gemotoriseerde vrachtwagen of de bus voorzien zijn van de registratietekens van een van de Staten van de Overeenkomstsluitende Partijen.