Verdrag inzake de sluikhandel over zee, ter uitvoering van a Art. 16Doodstraf
TITEL 4 BEPALINGEN BETREFFENDE DE UITOEFENING VAN RECHTSMACHT
Indien het strafbare feit waarvoor de vlaggestaat besluit zijn primaire rechtsmacht uit te oefenen in overeenstemming met artikel 14 , krachtens de wetgeving van die staat met de doodstraf wordt bedreigd en indien op dat strafbare feit niet de doodstraf is gesteld krachtens de wetgeving van de tussenkomende staat, of indien deze straf daar gewoonlijk niet ten uitvoer wordt gelegd, kan de overlevering van een persoon worden geweigerd, tenzij de vlaggestaat naar het oordeel van de tussenkomende staat voldoende waarborgen biedt dat de doodstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd.