Regeling aanwijzing landschapselementen 1986 · Regeling aanwijzing landschapselementen 1986
Regeling aanwijzing landschapselementen 1986 Art. 3
De aanwijzing in artikel 2, eerste lid , betreft niet:
a. landschapselementen die, gezien de toestand waarin zij verkeren, naar het oordeel van de minister uit een oogpunt van natuur- en landschapsbescherming niet van voldoende betekenis zijn; b. beplantingen die naar het oordeel van de minister niet of nauwelijks medebepalend zijn voor het streekeigen karakter van de in artikel 2, eerste lid , genoemde gebieden; c. beplantingen waarvoor op grond van de Beschikking vrijstelling meldings- en herplantplicht (Stcrt. 1982, 195) vrijstelling is verkregen van de verplichting tot herbeplanting.