Wet studiefinanciering 2000 · Wet studiefinanciering 2000
Wet studiefinanciering 2000 Art. 3.13Veronderstelde ouderlijke bijdrage
Paragraaf 3.3 Bijdrage ouders
1 De veronderstelde ouderlijke bijdrage is voor een mbo-student de som van de maandbedragen, bedoeld in artikel 3.9, vijfde lid , en voor een ho-student de som van de maandbedragen die zijn bepaald door toepassing van artikel 3.9a . De veronderstelde ouderlijke bijdrage kan nooit meer bedragen dan de maximale aanvullende beurs voor een student.
2 Indien de veronderstelde ouderlijke bijdrage negatief is, wordt deze vastgesteld op nihil.
3 Bij de berekening van de veronderstelde ouderlijke bijdrage per studerend kind wordt de bijdrage verdeeld over de studerende kinderen van een ouder indien: a. meer dan een van deze kinderen voor de betreffende maand aanspraak heeft op studiefinanciering; en b. de kinderen voor de betreffende maand een aanvullende beurs hebben aangevraagd.
4 Bij de verdeling van de veronderstelde ouderlijke bijdrage, bedoeld in het derde lid, wordt een kind dat tevens onder de reikwijdte van artikel 3.9, vierde lid, onderdeel b , valt, buiten beschouwing gelaten.
Historique des modifications
- In werking sinds 2022-09-01