Kaderregeling subsidiëring bilaterale wetenschappelijke en t Art. 2Begripsbepalingen
Paragraaf 1 Inleidende bepalingen
1 De minister verstrekt subsidie voor het doen uitvoeren van programma's voor bilaterale wetenschappelijke of technologische onderzoeksamenwerking.
2 De subsidie wordt verleend op grond van de volgende overwegingen: a. in bilateraal verband onderhoudt Nederland met een aantal landen contacten op het gebied van wetenschappelijke en technologische onderzoeksamenwerking; b. aan de samenwerking ligt een verdrag of een MoU ten grondslag waarbij afspraken worden gemaakt over het programma en de uitvoering daarvan; c. voor de uitvoering wordt een uitvoerder aangewezen waarmee een subsidierelatie wordt aangegaan.