Regeling eisen kamer justitiële jeugdinrichtingen Art. 6
Paragraaf 2 De inrichting van de kamer
1 In de kamer is een verwarming met een bedienkraan aangebracht.
2 De verwarming heeft een zodanige capaciteit dat bij een buitentemperatuur van minus 10 graden C en een windsnelheid van 10 meter per seconde in de kamer een temperatuur van 18 graden C kan worden bereikt.
3 De kamer is voorzien van een ventilatiemogelijkheid waardoor op natuurlijke dan wel mechanische wijze lucht kan worden aangevoerd.