Bibliothèque juridique et analyse de dossiers · Autriche · Belgique · Union européenne
LAWxPERT Connexion Compte gratuit

Besluit opleidingseisen en deskundigheidsgebied huidtherapeu · Besluit opleidingseisen en deskundigheidsgebied huidtherapeut

Besluit opleidingseisen en deskundigheidsgebied huidtherapeu Art. 4

§ 3 Opleiding

En vigueurTexte officiel

1 Het aspect diagnostiek en behandeling is zo ingericht dat betrokkene in staat is om in het kader van dat aspect, volgens de vigerende beroeps- en gezondheidszorgstandaarden, op methodische wijze de volgende interventies voor te bereiden, uit te voeren, te evalueren, bij te stellen en af te ronden: a. het in het kader van het huidtherapeutische onderzoek bij de patiënt afnemen van een anamnese; b. het stellen van een huidtherapeutische diagnose; c. het zo nodig verwijzen naar de arts die de patiënt behandelt; d. het opstellen van een behandelplan of advies; e. het toepassen van huidtherapeutische behandelingen die aandoeningen van de huid en de onderhuidse weefsels opheffen, verminderen dan wel compenseren; f. het aanmeten en verstrekken van medische hulpmiddelen en prothesen alsmede adviseren met betrekking tot het gebruik daarvan; g. het met behulp van ICT vastleggen van de aan de patiënt te bieden zorg; h. het met andere zorgverleners waarborgen van effectieve en efficiënte huidtherapeutische zorg.

2 Het aspect communicatie en samenwerking is zo ingericht dat betrokkene in staat is om: a. effectief te communiceren met de patiënt en, in daarvoor in aanmerking komende gevallen, met diens naaste betrekkingen; b. een functionele samenwerkingsrelatie met de patiënt aan te gaan, te onderhouden en af te ronden; c. in het kader van formele relaties intern en extern te communiceren met andere beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg of instanties in de gezondheidszorg; d. met andere beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg in en buiten de organisatie professioneel samen te werken.

3 Het aspect preventie en gezondheidsvoorlichting is zo ingericht dat betrokkene in staat is om: a. preventieve maatregelen te treffen voor het handhaven of het bevorderen van de gezondheid van de huid; b. in het kader van preventie voorlichting te geven aan de patiënt ter zake van gedrag dat de gezondheid van de huid bevordert; c. in het kader van therapietrouw en gedragsverandering de patiënt tijdens de behandeling op methodische wijze voor te lichten.

4 Het aspect kwaliteitszorg en innovatie is zo ingericht dat betrokkene in staat is om: a. de eigen zorg- en dienstverlening op effectiviteit en efficiëntie te analyseren, daaraan conclusies te verbinden en deze zo nodig planmatig te verbeteren; b. aan de patiënt verantwoording af te leggen over effectiviteit en efficiëntie van het eigen professionele handelen; c. een bijdrage te leveren aan de kwaliteit van de zorg- en dienstverlening binnen de organisatie waarvoor de betrokkene werkt en in dat kader de zorg- en dienstverlening op effectiviteit en efficiëntie te analyseren en daaraan conclusies te verbinden; d. algemeen maatschappelijke en beroepsspecifieke innovaties te integreren in het eigen professionele handelen.

5 Het aspect praktijk- en bedrijfsvoering is zo ingericht dat betrokkene in staat is om: a. vanuit een zorgperspectief een bijdrage te leveren aan het zorgbeleid, de praktijkvoering en het beheer van de organisatie waarvoor de betrokkene werkt; b. al dan niet met anderen tot een effectieve, efficiënte en hygiënische praktijk- en bedrijfsvoering te komen met behulp van ICT; c. effectief leergedrag bij stagiaires en nieuwe collega’s te stimuleren, zodat beginnende huidtherapeuten op professionele wijze bijdragen aan het realiseren van de doelstellingen van de organisatie waarvoor zij werken.

6 Het aspect beroepsontwikkeling is zo ingericht, dat betrokkene in staat is om: a. het beroep uit te oefenen overeenkomstig de geldende professionele richtlijnen, de stand van de wetenschap en de geldende waarden en opvattingen die patiëntenorganisaties hebben ten aanzien van huidtherapeutische zorg; b. ethische vraagstukken die zich voordoen bij de huidtherapeutische handelingen te onderkennen en te hanteren; c. te handelen vanuit een juist begrip van wettelijke regelingen en andere regelingen betreffende de huidtherapeutische beroepsuitoefening; d. te handelen vanuit een juist inzicht in de epidemiologie van huidziekten en de behoefte aan huidtherapeutische zorg van de bevolking als geheel en de mogelijkheden om zodanige zorg te bieden; e. prioriteiten te stellen voor het verlenen van huidtherapeutische zorg in overeenstemming met de behandelingsnoodzaak en de eigen vraag naar huidzorg van de patiënt; f. te handelen vanuit een juist inzicht in de structuur en financiering van de gezondheidszorg gericht op de huidtherapeutische zorg; g. op een wetenschappelijke en effectieve manier informatie te verwerven, te verwerken en toe te passen in het beroepsmatige handelen; h. te reflecteren op het eigen beroepsmatige handelen en dit op basis hiervan verder te ontwikkelen; i. de eigen professionaliteit voortdurend te ontwikkelen op basis van nieuwe situaties in de samenleving of het beroepsdomein; j. anderen te begeleiden in hun beroepsontwikkeling; k. bij te dragen aan de ontwikkeling van de professie.

Historique des modifications
  • In werking sinds 2011-01-01