Wet op het financieel toezicht · Wet op het financieel toezicht
Wet op het financieel toezicht Art. 1:48c
Afdeling 1.3.1 Samenwerking toezichthouders nationaal
1 De Nederlandsche Bank vraagt de Autoriteit Financiële Markten om advies ten behoeve van de beoordeling, bedoeld in artikel 3:277, tweede lid , voor zover zij in het kader van deze beoordeling onderzoekt of het toezicht in een staat die geen lidstaat is gelijkwaardig is aan het toezicht op grond van het bij of krachtens hoofdstuk 1.7 en het deel Gedragstoezicht financiële ondernemingen bepaalde.
2 De Autoriteit Financiële Markten verstrekt het in het eerste lid bedoelde advies binnen zes weken na het verzoek.
Historique des modifications
- In werking sinds 2021-10-19