Wet op het financieel toezicht · Wet op het financieel toezicht
Wet op het financieel toezicht Art. 3:111b
Afdeling 3.5.1 Bijzondere maatregelen ten aanzien van banken, beleggingsondernemingen, betaalinstellingen, elektronischgeldinstellingen, financiële holdings en gemengde financiële holdings
1 Een betaalinstelling die voornemens is betaaldiensten te verlenen door tussenkomst van een betaaldienstagent, stelt de Nederlandsche Bank hiervan in kennis onder opgave van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen gegevens.
2 Indien de Nederlandsche Bank overeenkomstig het eerste lid de gegevens heeft ontvangen en zij er van overtuigd is dat de gegevens correct zijn, schrijft zij de agent in in het register, bedoeld in artikel 1:107 .
3 Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op elektronischgeldinstellingen met zetel in Nederland die door tussenkomst van een betaaldienstagent betaaldiensten verlenen.
Historique des modifications
- In werking sinds 2012-01-01