Wet lokaal spoor · Wet lokaal spoor
Wet lokaal spoor Art. 5
Hoofdstuk 2 Zorg voor de veiligheid op en nabij de lokale spoorwegen
1 De lokale spoorweginfrastructuur wordt zodanig aangelegd dat de lokale spoorweginfrastructuur: a. in goede staat verkeert, betrouwbaar en beschikbaar is; b. geschikt is voor het gebruik waarvoor zij is bestemd; c. bij normaal gebruik geen gevaar of schade oplevert voor personen of zaken; en d. veilig en doelmatig met de toegestane maximumsnelheid kan worden bereden.
2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels omtrent dit artikel worden gesteld.
Historique des modifications
- In werking sinds 2015-12-01