Instellingsbesluit Raad van Advies · Instellingsbesluit Raad van Advies
Instellingsbesluit Raad van Advies Art. 3Samenstelling, benoeming, ontslag
1 De leden van de Raad van Advies worden door de inspecteur-generaal op persoonlijke titel en op basis van hun deskundigheid voor een periode van vier jaar benoemd. De leden kunnen daarna eenmaal worden herbenoemd.
2 De Raad van Advies bestaat uit een voorzitter en ten minste twee en ten hoogste vijf overige leden.
3 De Raad van Advies wordt in de gelegenheid gesteld suggesties te doen voor het vervullen van een vacature in de Raad van Advies.
4 Bij tussentijds vertrek van een lid kan de inspecteur-generaal een ander lid benoemen.
5 De voorzitter en de leden van de Raad van Advies kunnen te allen tijde zelf ontslag nemen door middel van een schriftelijk bericht aan de inspecteur-generaal.
6 De leden van de Raad van Advies kunnen door de inspecteur-generaal op eigen verzoek of wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden worden geschorst en ontslagen.