Tijdelijke subsidieregeling vroege opschaling energietransit Art. 7Hoogte subsidie
1 De subsidie bedraagt voor de energielijnen als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdelen a tot en met e , ten hoogste 50% van de subsidiabele kosten.
2 De subsidie bedraagt voor de laad- of bunker infrastructuur, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel c , ten hoogste 40% van de subsidiabele kosten.
3 Per binnenschip bedraagt de subsidie maximaal: a. € 800.000,– voor een elektrische energielijn of, € 2.500.000,– indien de aanschaf van batterijen onderdeel uitmaakt van de aanvraag; b. € 3.000.000,– voor een elektrische energielijn, gecombineerd met een waterstof-brandstofcel; c. € 1.500.000,– voor een methanol-energielijn; d. € 1.500.000,– voor een waterstof-energielijn; e. € 500.000,– voor een hybride-elektrische energielijn.
4 De maximale subsidiebedragen uit het derde lid kunnen met maximaal € 600.000,– worden opgehoogd voor de voor de energielijn benodigde laad- en tankinfrastructuur.
5 Het percentage, genoemd in het eerste lid, wordt verhoogd met 10 procentpunten voor middelgrote ondernemingen en met 20 procentpunten voor kleine ondernemingen.
6 Het percentage, genoemd in het eerste lid, wordt verhoogd met 10 procentpunten indien het schip na afronding van het project kwalificeert als emissievrij binnenschip.