Verdrag inzake de bescherming van het mariene milieu in het Art. 7
De bepalingen van deze Bijlage inzake storting zijn niet van toepassing in geval van overmacht, wegens zwaar weer of door enige andere oorzaak, wanneer de veiligheid van mensenlevens of van een schip of luchtvaartuig wordt bedreigd. Een dergelijke storting dient zodanig te geschieden dat het risico van schade voor de mens of het leven in zee tot een minimum wordt beperkt, en dient onmiddellijk te worden gemeld aan de Commissie, te zamen met de volledige gegevens betreffende de omstandigheden alsook de aard en de hoeveelheden van het gestorte afval of de gestorte andere stoffen.