Verdrag betreffende inheemse en in stamverband levende volke Art. 10
DEEL I ALGEMEEN BELEID
1 Bij het opleggen van straffen aan leden van die volken, welke straffen zijn voorzien in de algemene wetgeving, dient rekening te worden gehouden met hun economische, sociale en culturele kenmerken.
2 Voorkeur dient te worden gegeven aan andere methoden van bestraffing dan gevangenisstraf.