Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Economische Gem Art. 2
1 Voor de in artikel 1 vermelde doeleinden en voor een periode die op 31 oktober 1981 afloopt, kunnen voor een totaalbedrag van 60 miljoen Europese rekeneenheden verplichtingen worden aangegaan, ten bedrage van: a) 34 miljoen Europese rekeneenheden in de vorm van leningen van de Europese Investeringsbank, hierna te noemen de „Bank”, die overeenkomstig de voorwaarden van de statuten van de Bank uit eigen middelen worden toegekend; b) 7 miljoen Europese rekeneenheden in de vorm van leningen tegen speciale voorwaarden; c) 19 miljoen Europese rekeneenheden in de vorm van giften. Voor de vorming van risicodragend kapitaal kunnen bijdragen worden vastgesteld, welke in mindering worden gebracht op de sub b) aangegeven bedragen.
2 De in lid 1, sub a), genoemde leningen gaan in het algemeen gepaard met rentesubsidies van ten hoogste 2% die uit de in lid 1, sub c), vermelde middelen worden gefinancierd.