Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht Art. 1
1 Vier jaar na de inwerkingtreding van de Overeenkomst onderzoekt de Associatieraad, of hij, rekening houdend met de economische toestand van Turkije, in de vorm van een Aanvullend Protocol, de bepalingen betreffende de voorwaarden van, de wijze waarop en het ritme voor de verwezenlijking der in artikel 4 van de Associatieovereenkomst vermelde overgangsfase kan vaststellen. Dit Aanvullende Protocol wordt door de Overeenkomstsluitende Partijen ondertekend en het treedt in werking, nadat de in elk der betrokken landen vereiste grondwettelijke procedures zijn voltooid.
2 Indien men het Aanvullende Protocol aan het einde van het vijfde jaar niet heeft kunnen vaststellen, wordt opnieuw de in lid 1 vermelde procedure ingeleid na een door de Associatieraad te bepalen termijn die niet langer mag duren dan drie jaar.
3 De bepalingen van dit Protocol blijven van toepassing tot de inwerkingtreding van het Aanvullende Protocol, en uiterlijk tot het einde van het tiende jaar. Ingeval evenwel het Aanvullende Protocol is vastgesteld, maar aan het einde van het tiende jaar niet in werking kan treden, wordt het Voorlopige Protocol verlengd voor een periode van ten hoogste een jaar. Ingeval het Aanvullende Protocol aan het einde van het negende jaar niet kan worden vastgesteld, neemt de Associatieraad een besluit met betrekking tot de verdere regeling inzake de voorbereidende fase, die van toepassing is met ingang van het einde van het tiende jaar.