Overeenkomst inzake de administratieve en strafrechtelijke s Art. 4
Indien goederen onder douane- of accijnsverband van een plaats in een der landen worden vervoerd naar een plaats in een van de beide andere landen zetten de ambtenaren van eerstbedoeld land, die zijn belast met de bewaking, deze voort in het andere land, totdat zij door de ambtenaren van dat land worden afgelost. Tot dat tijdstip hebben de eerstbedoelde ambtenaren voor de uitoefening van hun taak dezelfde bevoegdheden als laatstbedoelde ambtenaren.