Verdrag inzake het recht betreffende het gebruik van interna Art. 8Algemene verplichting tot samenwerking
DEEL II ALGEMENE BEGINSELEN
1 De Waterloopstaten werken samen op basis van soevereine gelijkheid, territoriale integriteit, wederzijds voordeel en goede trouw teneinde een optimaal gebruik en een behoorlijke bescherming van de internationale waterloop te bewerkstelligen.
2 Bij het vaststellen van de wijze van samenwerking, kunnen de Waterloopstaten, indien zij dit nodig achten, overwegen gezamenlijke mechanismen of commissies in te stellen ter vergemakkelijking van de samenwerking op het gebied van maatregelen en procedures terzake, in het licht van de ervaringen die zijn opgedaan door samenwerking in bestaande gezamenlijke mechanismen en commissies in verschillende regio's.