Overeenkomst inzake de tenuitvoerlegging van de artikelen 55 Art. 5
Tegen de onderdanen van een der Verdragsluitende Partijen, die sedert drie jaar op het grondgebied van een andere Verdragsluitende Partij gevestigd zijn, kunnen slechts maatregelen tot verwijdering worden getroffen wanneer zij gevaar opleveren voor de nationale veiligheid, of indien zij, bij gewijsde veroordeeld wegens een bijzonder ernstig misdrijf, een bedreiging vormen voor de gemeenschap van dat land.