Verdrag ter bestrijding van de valsemunterij · Verdrag ter bestrijding van de valsemunterij
Verdrag ter bestrijding van de valsemunterij Art. 3
Deel I
Als gemeenrechtelijke delicten moeten worden bestraft:
1°. Iedere bedriegelijke vervaardiging of verandering van munt, welk middel ook gebezigd moge zijn om het resultaat te verkrijgen; 2°. Het bedriegelijk in omloop brengen van valsche munt; 3°. Het binnen het land invoeren of het ontvangen of zich verschaffen van valsche munt, waarvan men weet, dat zij valsch is, ten einde deze in omloop te brengen; 4°. Poging tot en opzettelijke deelneming aan de voormelde handelingen; 5°. Het bedriegelijk vervaardigen, ontvangen of zich verschaffen van werktuigen of andere voorwerpen, welke naar hun aard bestemd zijn voor de vervaardiging van valsche munt of voor de verandering van munt.