C.jud. · Gerechtelijk Wetboek (art. 58–555)
C.jud. Art. 266
Afdeling I. - Selectie- en benoemingsvoorwaarden. <ingevoegd bij W 2007-04-25/64, art. 45; Inwerkingtreding : — Onderafdeling IV. - Leden van het parketsecretariaat. <W 2007-04-25/64, art. 54, 153; Inwerkingtreding : 01-
<W 2007-04-25/64, art. 56, 153; Inwerkingtreding : 01-12-2008> § 1. Om door middel van werving te worden benoemd in een klasse van het niveau A, met de titel van secretaris-hoofd van dienst, moet de kandidaat :
1° houder zijn van een diploma of een getuigschrift in aanmerking komend voor de toelating tot een ambt van het niveau A bij de Rijksbesturen;
2° geslaagd zijn voor een vergelijkende selectie voor het desbetreffende ambt, georganiseerd door Selor - het Selectiebureau voor de federale overheid.
Na afloop van een stage die moet toelaten om de geschiktheid van de kandidaat voor het ambt te kunnen beoordelen, wordt de benoeming definitief wanneer de stagiair na afloop van zijn stage-evaluatieperiode, geen vermelding "onvoldoende" heeft verkregen of wanneer de evaluatiecommissie bedoeld in artikel 287quater zijn benoeming heeft voorgesteld.
Tijdens de stage kan de Koning, in geval van beroepsongeschiktheid of wegens een zware fout, aan de stage een einde maken op voorstel van de bedoelde evaluatiecommissie.
De termijn en het statuut die van toepassing zijn op de stagiairs van de niveaus B, C en D bedoeld in artikel 177 worden in dezelfde mate en onder dezelfde voorwaarden op hen toegepast.
§ 2. Om door middel van bevordering te worden benoemd in de klasse A1 van het niveau A met de titel van secretaris-hoofd van dienst, moet de kandidaat :
1° vast benoemd zijn in een graad van het niveau B;
2° geslaagd zijn voor een vergelijkende selectie voor het desbetreffende ambt bedoeld in artikel 279, § 4.
§ 3. Om door middel van bevordering te worden benoemd in de klasse A2 van het niveau A met de titel van secretaris-hoofd van dienst, moet de kandidaat :
1° vast benoemd zijn en beschikken over, naar gelang het geval, een klassenanciënniteit van ten minste 2 jaar in de klasse A1 of graadanciënniteit van ten minste 2 jaar in een ambt van het niveau B indien men beschikt over een diploma of getuigschrift bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, 1°, of een graadanciënniteit van ten minste 5 jaar indien men niet beschikt over dit diploma of getuigschrift;
2° geslaagd zijn voor een vergelijkende selectie voor het desbetreffende ambt bedoeld in artikel 279, § 4.
§ 4. Om door middel van bevordering te worden benoemd in de klasse A3 van het niveau A met de titel van secretaris-hoofd van dienst, moet de kandidaat :
1° vast benoemd zijn en beschikken over, naar gelang van het geval, ten minste vier jaar anciënniteit in de klasse A2 of ten minste zes jaar anciënniteit in de klasse A1 of ten minste zes jaar anciënniteit in de klassen A1 en A2 samen;
2° geslaagd zijn voor een vergelijkende selectie voor het desbetreffende ambt bedoeld in artikel 279, § 4.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<W 2010-12-29/02, art. 33, 169; Inwerkingtreding : 25-10-2010>
- (2)<W 2014-04-10/73, art. 18, 187; Inwerkingtreding : 10-06-2014>
- (3)<W 2016-05-04/03, art. 66, 203; Inwerkingtreding : 01-07-2016 (zie ook art. 261, vijfde en achtste lid).
- Overgangsbepalingen : art. 251>
- (4)<W 2017-07-06/24, art. 252, 211; Inwerkingtreding : 03-08-2017>
- (5)<W 2022-12-26/22, art. 35, 247; Inwerkingtreding : 22-01-2023>
- (6)<W 2024-05-07/04, art. 13, 259; Inwerkingtreding : 01-01-2026>