Rechtsbibliotheek en dossieranalyse · Oostenrijk · België · Europese Unie
LAWxPERT Aanmelden Gratis account

C.jud. · Gerechtelijk Wetboek (art. 58–555)

C.jud. Art. 267

Afdeling I. - Selectie- en benoemingsvoorwaarden. <ingevoegd bij W 2007-04-25/64, art. 45; Inwerkingtreding : — Onderafdeling IV. - Leden van het parketsecretariaat. <W 2007-04-25/64, art. 54, 153; Inwerkingtreding : 01-

Van krachtOfficiële tekst

FRNL

<W 2007-04-25/64, art. 57, 153; Inwerkingtreding : 01-12-2008> § 1. Om door middel van werving te worden benoemd in het niveau B tot de graad van secretaris bij een parket moet de kandidaat :

1° houder zijn van een diploma of een getuigschrift in aanmerking komend voor de toelating tot een ambt van het niveau B bij de Rijksbesturen;

2° geslaagd zijn voor een vergelijkende selectie voor het desbetreffende ambt, georganiseerd door Selor - het Selectiebureau voor de federale overheid.

Na afloop van een stage die moet toelaten om de geschiktheid van de kandidaat voor het ambt te kunnen beoordelen, wordt de benoeming definitief wanneer de stagiair na afloop van zijn stage-evaluatieperiode, geen vermelding "onvoldoende" heeft verkregen of wanneer de evaluatiecommissie bedoeld in artikel 287quater zijn benoeming heeft voorgesteld.

Tijdens de stage kan de Koning, in geval van beroepsongeschiktheid of wegens een zware fout, aan de stage een einde maken op voorstel van de bedoelde evaluatiecommissie.

De termijn en het statuut die van toepassing zijn op de stagiairs van de niveaus B, C en D bedoeld in artikel 177 worden in dezelfde mate en onder dezelfde voorwaarden op hen toegepast.

§ 2. Om door middel van bevordering te worden benoemd in het niveau B met de graad van secretaris moet de kandidaat :

1° vast benoemd zijn in het ambt van assistent bij een griffie, een parketsecretariaat, een steundienst of bij het Centraal Orgaan voor de Inbeslagneming en de Verbeurdverklaring;

2° geslaagd zijn voor een vergelijkende selectie voor het desbetreffende ambt, georganiseerd door Selor - het Selectiebureau voor de federale overheid.

§ 3. De vergelijkende selectie kan meerdere opeenvolgende modules van proeven omvatten waarbij de kandidaat enkel tot de volgende module wordt toegelaten op voorwaarde dat hij geslaagd is voor de vorige. In dat geval wordt de rangschikking enkel vastgelegd op basis van de resultaten van de laatste module.

Wijzigingsgeschiedenis
  • (1)<W 2016-05-04/03, art. 67, 203; Inwerkingtreding : 01-07-2016 (zie ook art. 261, vijfde en achtste lid).
  • Overgangsbepalingen : art. 251>
  • (2)<W 2022-12-26/22, art. 36, 247; Inwerkingtreding : 22-01-2023>
  • (3)<W 2024-05-07/04, art. 14, 259; Inwerkingtreding : 01-01-2026>