Code réglementaire wallon de l'Action sociale et de la Santé Art. 1969
Afdeling 1. [1 - Erkenningsvoorwaarden]1 — Onderafdeling 1. [1 - Algemene voorwaarden en toekenningsprocedure]1
§ 1. De erkenningsaanvraag voor ieder tehuis voor collectieve huisvesting wordt per aangetekend schrijven of bij ieder ander middel waarbij de zending een vaste datum verleend wordt, bij het Agentschap ingediend.
Binnen de dertig dagen na de ontvangst van de aanvraag richt het Agentschap per aangetekend schrijven of via een zending naar een duidelijk elektronisch adres of bij ieder ander middel waarbij de zending een vaste datum verleend wordt een ontvangstbevestiging voor het dossier, indien dit volledig is.
Als het dossier onvolledig is, licht het Agentschap er de aanvrager in dezelfde voorwaarden over in en stipt aan, welke de ontbrekende dossierstukken zijn en dat de termijn voor de ontvangst van de ontbrekende stukken minstens één maand bedraagt.
Hoe dan ook licht het Agentschap de aanvrager in over:
1° de naam en de persoonsgegevens van het personeelslid dat het dossier zal behandelen;
2° de naam en de adresgegevens van het personeelslid belast met de naleving van de regels inzake bescherming van de persoonsgegevens (met inbegrip van veiligheidsregels voor gegevensbescherming) en tot wie de betrokkenen van het tehuis voor collectieve huisvesting zich kunnen richten.
Daarentegen, wordt de aanvraag, als de aanvrager het geheel van de door de administratie verlangde stukken binnen de voorgeschreven aanvullende termijn niet overmaakt, als onontvankelijk beschouwd. De beslissing wordt bij aangetekend schrijven of elk middel waarbij een vaste datum aan de zending wordt verleend, door het Agentschap medegedeeld.
§ 2. Binnen de zes maanden na ontvangst van de volledige aanvraag wordt door het Agentschap:
1° een inspectie van het tehuis voor collectieve huisvesting uitgevoerd als het Agentschap dit nuttig acht of kennis heeft van informatie waaruit zou blijken dat het tehuis voor collectieve huisvesting elementen bevat die nadeel zouden kunnen berokkenen aan de veiligheid, de gezondheid, de waardigheid van de gehuisveste personen of aan hun lichamelijke of geestelijke integriteit;
2° een verslag opgesteld over het dossier;
3° aan de Minister een dossier overgemaakt met:
a) het dossier van de aanvrager;
b) het verslag van het Agentschap met het advies van de inspectie;
c) een voorstel tot beslissing.
De Minister beslist over de erkenningsaanvraag binnen twee maanden te rekenen van de ontvangst van het door het Agentschap toegestuurde dossier.
§ 3. De erkenning wordt geweigerd als het tehuis voor collectieve huisvesting de voorwaarden voor het verkrijgen ervan niet vervult.
§ 4. De beslissing tot toekenning van de erkenning wordt door het Agentschap bij aangetekend schrijven of door zending via een duidelijk e-mailadres of nog via ieder middel waarbij de zending een vaste datum verleend wordt, aan de aanvrager medegedeeld.
Iedere wijziging in één van de elementen van de erkenningsaanvraag wordt onverwijld door het betrokken tehuis voor collectieve huisvesting aan het Agentschap meegedeeld, middels het formulier opgenomen als bijlage 139. Binnen twee maanden volgend op de ontvangst van dat formulier waarop de wijzigingen duidelijk worden vermeld, stelt het Agentschap een verslag op ter beoordeling van de impact van de wijzigingen op de geldigheid van de erkenning. Het verslag wordt binnen de twee maanden te rekenen van de ontvangst van het door het Agentschap toegestuurd dossier gericht aan de Minister, die zich op de voorstellen van het Agentschap baseert om te beslissen.
§ 5. De erkenning wordt verleend voor een hernieuwbare periode van zes jaar. De hernieuwingsaanvraag volgt dezelfde procedure als de erkenningsaanvraag zoals omschreven in de paragrafen 1 tot 4. De hernieuwingsaanvraag wordt door het tehuis voor collectieve huisvesting uiterlijk negen maanden voor het einde van de erkenningsperiode aan het Agentschap gericht.
Wijzigingsgeschiedenis
- (1)<Ingevoegd bij BWG 2019-07-18/32, art. 2, 077; Inwerkingtreding : 21-12-2019>