Wet op de expertisecentra · Wet op de expertisecentra
Wet op de expertisecentra Art. 48dUitzondering deelname leerling aan doorstroomtoets
§ 5 Toetsing speciaal onderwijs en doorstroom voortgezet onderwijs
1 Het bevoegd gezag neemt, indien een leerling verhinderd is de doorstroomtoets als bedoeld in artikel 48c, derde lid , af te leggen, binnen drie weken na het reguliere moment van afname de doorstroomtoets alsnog af, tenzij dit voor de leerling om medische redenen onmogelijk is.
2 Het bevoegd gezag kan, mede op basis van de gegevens van de toetsen, bedoeld in artikel 48c, eerste lid , bepalen dat door een leerling geen doorstroomtoets wordt afgelegd, indien de leerling: a. zeer moeilijk lerend is; b. meervoudig gehandicapt is en voor wie het zeer moeilijk lerend zijn een van de handicaps is; of c. vier jaar of korter in Nederland is en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheerst.
3 Indien het bevoegd gezag toepassing wil geven aan het tweede lid, overlegt het daarover met de ouders voor het reguliere moment van afname, bedoeld in het eerste lid.
Wijzigingsgeschiedenis
- In werking sinds 2023-08-01