Wet tijdelijke solidariteitsbijdrage · Wet tijdelijke solidariteitsbijdrage
Wet tijdelijke solidariteitsbijdrage Art. 2.1Bijdrageplicht
Hoofdstuk 2 Bijdrageplicht
Bijdrageplichtig voor de solidariteitsbijdrage is een lichaam dat:
a. binnenlands belastingplichtig is als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 , of buitenlands belastingplichtig is als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van die wet ; en b. in het bijdragejaar ten minste 75% van zijn omzet, onderscheidenlijk van de omzet van zijn in Nederland gedreven onderneming als bedoeld in artikel 17, derde lid, onderdeel a, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 , behaalt met economische activiteiten op het gebied van winning van koolwaterstoffen, mijnbouw, de raffinage van aardolie of de vervaardiging van cokesovenproducten als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1893/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot vaststelling van de statistische classificatie van economische activiteiten NACE Rev. 2 en tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 3037/90 en enkele EG-verordeningen op specifieke statistische gebieden (PbEU 2006, L 393).