Instellingsbesluit Interdepartementale commissie ruimtevaart ст. 4
1 In de ICR hebben zitting als lid: a. een door de minister aangewezen ambtelijk voorzitter; b. één ambtenaar, aangewezen door de Minister van Buitenlandse Zaken; c. één ambtenaar, aangewezen door de Minister van Defensie; d. één ambtenaar, aangewezen door de Minister van Infrastructuur en Milieu; e. één ambtenaar, aangewezen door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; f. één ambtenaar, aangewezen door de Minister van Veiligheid en Justitie; g. één ambtenaar, aangewezen door de minister.
2 De voorzitter van de ICR is tevens leider van de Nederlandse ambtelijke delegatie in de ESA-Raad.
3 In de ICR hebben zitting als adviserend lid: a. één vertegenwoordiger van het NSO; b. één vertegenwoordiger van de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek.
4 De minister kan, op voordracht van de ICR, andere adviserende leden aanwijzen.
5 De minister voorziet in het secretariaat van de ICR.