Verordening op de advocatuur · Verordening op de advocatuur
Verordening op de advocatuur ст. 4.10Weigering nieuw verzoek tot afgifte van een verklaring ten behoeve van de voorwaardelijke aantekening ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken
Paragraaf 4.2.1 Verkrijgen hoedanigheid ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken
De algemene raad kan een verzoek als bedoeld in artikel 4.9, eerste lid , afwijzen, indien het verzoek wordt ingediend binnen drie jaar:
a. nadat de proeve van bekwaamheid, bedoeld in artikel 4.11, eerste lid , al dan niet na herkansing, niet met goed gevolg is afgelegd; of b. na het doorhalen van de aantekening ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken.
История изменений
- In werking sinds 2020-02-01