Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg · Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg ст. 5:15
Paragraaf 4 De zorgkaart en het zorgplan
1 De geneesheer-directeur beoordeelt of het zorgplan voldoet aan de uitgangspunten van artikel 2:1 , en, indien toepassing is gegeven aan artikel 5:5, vijfde lid, of het plan, bedoeld in artikel 5:5 , voldoet aan het uitgangspunt dat geen ernstig nadeel ontstaat.
2 De geneesheer-directeur draagt zijn bevindingen als bedoeld in het eerste lid, vergezeld van de zorgkaart en het zorgplan over aan de officier van justitie.