Omgevingsregeling · Omgevingsregeling
Omgevingsregeling ст. 3.38(bepalen gelijke hoedanigheid: tijdstip en begrenzing)
Afdeling 3.4 Gelijke hoedanigheid en gelijkwaardige gebruiksmogelijkheden
1 De gelijke hoedanigheid van onroerende zaken wordt uiterlijk op het in artikel 16.125, tweede lid, van de wet laatstbedoelde tijdstip bepaald.
2 De gelijke hoedanigheid van onroerende zaken wordt bepaald voor zover deze uitruilbaar zijn op grond van de artikelen 10.4 tot en met 10.10 van het Besluit kwaliteit leefomgeving .