Uitvoeringswet EU-verordeningen grenzen en veiligheid ст. 3Aangewezen autoriteiten
Paragraaf 2 Uitvoerende instanties
De ambtenaren bedoeld in de onderdelen b, c en d van artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering , zijn bevoegd als aangewezen autoriteiten tot het raadplegen van gegevens om terroristische misdrijven en andere ernstige strafbare feiten te voorkomen, op te sporen en te onderzoeken, bedoeld in:
a. artikel 5, eerste lid, van de Eurodac-verordening; b. artikel 3, eerste lid, van de VIS-verordening; c. artikel 29, eerste lid, van de EES-verordening; en d. artikel 50, eerste lid, van de Etias-verordening.