Reglement van Orde van de Eerste Kamer der Staten-Generaal ст. 9
Benoeming van de Voorzitter en de Ondervoorzitters
1 De Voorzitter kan aan een van de Ondervoorzitters het voorzitterschap tijdelijk overdragen.
2 Is geen gebruikgemaakt van het eerste lid, dan wordt bij afwezigheid van de Voorzitter het voorzitterschap van rechtswege waargenomen door de eerste, dan wel bij diens afwezigheid de tweede Ondervoorzitter.
3
Is noch de Voorzitter, noch een van de Ondervoorzitters beschikbaar, dan wordt de Voorzitter vervangen overeenkomstig de regeling in artikel 6, eerste lid .