Algemene aanwijzingen tijdelijk certificaat jeugdbescherming ст. 5
1 De certificerende instelling verlengt een overbruggingscertificaat met overeenkomstige toepassing van artikel 3 en artikel 4, eerste lid , indien: a. zij oordeelt dat de gecertificeerde instelling zich voldoende heeft ingespannen om binnen de duur van het overbruggingscertificaat de benodigde verbeteringen door te voeren; b. zij voldoende aannemelijk acht dat de gecertificeerde instelling binnen de duur van de verlenging alsnog in staat is om de benodigde verbeteringen door te voeren.
2 De certificerende instelling verlengt een beëindigingscertificaat, indien alle bij de betrokken gecertificeerde instelling lopende jeugdbeschermings- en jeugdreclasseringsmaatregelen nog niet aan een of meerdere andere gecertificeerde instelling zijn overgedragen.