Besluit tijdelijke aanwijzing Team Bijzondere Bijstand FIOD ст. 4
1 De motorvoertuigen van het Team Bijzondere Bijstand van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst zijn vrijgesteld van de artikelen 5.2.51a, eerste lid , en 5.3.51a, eerste lid, van de Regeling voertuigen op grond van artikel 147, eerste lid, Wegenverkeerswet 1994 .
2 De optische en geluidssignalen bedoeld in artikel 29, eerste lid, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 , die de motorvoertuigen van het Team Bijzondere Bijstand van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst voeren, voldoen aan de eisen die worden gesteld in artikel 5, eerste en vijfde lid, van de Regeling optische geluidssignalen 2009 , met uitzondering van het vereiste dat het motorvoertuig herkenbaar is als een motorvoertuig in gebruik bij het Team Bijzondere Bijstand van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst.