Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Neder ст. 9
Elke Partij kent de schepen van de andere Partij bij de uitoefening van de daaraan in overeenstemming met de artikelen 2 tot en met 7 verleende rechten dezelfde behandeling toe als zij haar eigen schepen toekent; deze bepaling is met name van toepassing op:
a. het gebruik van sluizen, havenfaciliteiten en aanlegplaatsen; b. de heffing van de haven- en vaargelden; c. de afhandeling van formaliteiten door de bevoegde autoriteiten; d. de voorziening van brandstof en smeermiddelen.