Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Ko ст. 3.28Bijkomende lichten van schepen, waarvan de ankers een gevaar voor de scheepvaart kunnen vormen
HOOFDSTUK 3 OPTISCHE TEKENS VAN SCHEPEN
1 Een schip waarvan een anker zodanig is uitgezet, dat het een gevaar voor de scheepvaart kan vormen, moet als bijkomend licht voeren: een tweede wit gewoon rondom schijnend licht ongeveer 1 m loodrecht onder het in artikel 3.20 bedoelde licht.
2 Een schip moet het anker bedoeld in het eerste lid aanduiden door een boei voorzien van een wit gewoon rondom schijnend licht.