Verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval i ст. 7.03Laden en lossen
HOOFDSTUK VII VERPLICHTINGEN VAN DE VERVOERDER, DE VERLADER, DE LADINGONTVANGER EN DE EXPLOITANT VAN DE OVERSLAGINSTALLATIE
Gewijzigd door Besluit 2017-I-4
1 Tot het laden en lossen van een schip behoren ook de maatregelen tot nalossen alsmede a. bij wassen, voor het wassen en b. bij ontgassen, voor het ontgassen die ingevolge dit Deel B zijn vereist. De restlading behoort zo veel mogelijk aan de lading te worden toegevoegd.
2 Bij het laden draagt de verlader er zorg voor dat het schip vrij van overslagresten blijft. Zijn echter toch overslagresten ontstaan, dan draagt de verlader na het laden zorg voor de verwijdering van deze overslagresten, tenzij iets anders is overeengekomen.
3 Bij het lossen draagt de ladingontvanger er zorg voor dat het schip vrij van overslagresten blijft. Zijn echter toch overslagresten ontstaan, dan draagt de ladingontvanger zorg voor de verwijdering. Overslagresten behoren zo veel mogelijk aan de lading te worden toegevoegd.
История изменений
- In werking sinds 2024-10-01