Verdrag van de Verenigde Naties tegen grensoverschrijdende g ст. 3Werkingssfeer
1 Dit Verdrag is van toepassing, tenzij hierin anders is bepaald, op de voorkoming, de opsporing en de vervolging van: a. de overeenkomstig de artikelen 5 , 6 , 8 en 23 van dit Verdrag strafbaar gestelde feiten; en b. de ernstige misdrijven als bedoeld in artikel 2 van dit Verdrag; wanneer het strafbare feit inherent grensoverschrijdend is en er een criminele organisatie bij betrokken is.
2 Voor de toepassing van het eerste lid van dit artikel is een strafbaar feit inherent grensoverschrijdend indien: a. het wordt gepleegd in meer dan één Staat; b. het wordt gepleegd in één Staat, maar een aanmerkelijk deel van de voorbereiding, planning, leiding of controle ervan plaatsvindt in een andere Staat; c. het wordt gepleegd in één Staat, maar er een criminele organisatie bij betrokken is die zich bezighoudt met criminele activiteiten in meer dan één Staat; of d. het wordt gepleegd in één Staat maar aanmerkelijke gevolgen heeft in een andere Staat.