Verdrag inzake de verkrijging van bewijs in het buitenland i ст. 27
HOOFDSTUK III ALGEMENE BEPALINGEN
De bepalingen van dit Verdrag beletten niet dat een Verdragsluitende Staat:
a) verklaart dat rogatoire commissies aan zijn rechterlijke autoriteiten kunnen worden overgemaakt langs andere wegen dan die bedoeld in artikel 2 ; b) toestaat, krachtens zijn interne wet of zijn gewoonterecht, de handelingen waarop het Verdrag betrekking heeft onder minder beperkende voorwaarden uit te voeren; c) toestaat, krachtens zijn interne wet of zijn gewoonterecht, andere methoden tot verkrijging van bewijs dan die waarin dit Verdrag voorziet te gebruiken.