Internationaal Verdrag tot bescherming van kweekprodukten va ст. 8Homogeniteit
HOOFDSTUK III VOORWAARDEN VOOR HET VERLENEN VAN HET KWEKERSRECHT
Het ras wordt als eenvormig aangemerkt indien het, behoudens de variatie die mag worden verwacht van de bijzonderheden die eigen zijn aan de vermeerdering ervan, voldoende eenvormig is wat zijn van belang zijnde eigenschappen betreft.