Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrep ст. 17Opschorting van voorgenomen werkzaamheden of maatregelen na bezwaren
HOOFDSTUK III VERKEER OVER ZEE
1 Iedere Verdragsluitende Partij is verplicht de uitvoering van voorgenomen werkzaamheden of maatregelen waartegen de andere Verdragsluitende Partij bezwaren heeft ingediend, op te schorten tot de Regeringen van de Verdragsluitende Partijen een aanbeveling van de Commissie als bedoeld in artikel 21, lid 1 , hebben aanvaard of de Verdragsluitende Partijen hun overleg als bedoeld in artikel 21, lid 2, hebben beëindigd, tenzij de andere Verdragsluitende Partij instemt met een andere regeling. Het afleggen van de verklaring tussen de Verdragsluitende Partijen als bedoeld in artikel 21, lid 3, wordt gelijkgesteld met de beëindiging van het overleg.
2 Lid 1 is niet van toepassing indien een Verdragsluitende Partij de uitvoering van de gewraakte werkzaamheden of maatregelen niet zonder haar belangen ernstig in gevaar te brengen kan uitstellen. Indien in die gevallen de andere Verdragsluitende Partij schade wordt toegebracht, blijft haar aanspraak op schadevergoeding en op het voorkomen van verdere schade onverminderd bestaan.