Werkloosheidswet · Werkloosheidswet
Werkloosheidswet Art. 37
§ 3 De betaling van de uitkering
Ingeval het UWV een aan een overheidswerknemer toegekende uitkering op grond van deze wet, de Ziektewet , de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering , de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen of hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1 , of de artikelen 4:2b, eerste tot en met zesde lid , of 6:3, eerste tot en met zesde lid, van de Wet arbeid en zorg , dan wel een toeslag op grond van de Toeslagenwet betaalt aan een overheidswerkgever met het oogmerk die uitkering of toeslag door diens tussenkomst te doen uitbetalen:
a. wordt de bedoelde uitkering of toeslag niet vermeerderd met de daarover door de werkgever verschuldigde premie op grond van artikel 24, tweede lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen ; b. treedt, in afwijking van artikel 11, tweede lid , artikel 10, derde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering , en artikel 11, derde lid, van de Ziektewet , voorzover die artikelleden betrekking hebben op de premie bedoeld in artikel 24, tweede lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen , de overheidswerkgever niet in de plaats van het UWV.
Änderungsgeschichte
- In werking sinds 2022-08-02